7. Unwanted Lo-Fi sounding music.

After the loudness trilogy the time has come to tell something about sound, and by sound I mean the quality of sound, and even more specific the quality of the sound of music.

Quality has two dimensions: the quality of the music itself (or the artist) and the quality of the sound of the music. The latter is the subject of this month’s column.

Quality is something subjective. Mikey finds the EP by artist X absolutely fantastic: Lo-Fi, greasy, hardly any stereo information and most of all sickening loud! Little Pete turns into a sad vibe immediately when he listens to that same EP. He’s totally into the latest album by James Taylor: Hi-Fi at its best, fine quality and very sophisticated.

Actually this equation already says a lot. Music and sound, it’s all a matter of taste. But… Behold! There is a very thin line between intense, well produced Lo-Fi tracks and badly produced music.
Lo-Fi can sound really great. Just have a listen to those fine albums by this little band called The Black Keys. These albums are the opposite of sophisticated Hi-Fi but they sound extremely fat, energetic and intense. This has probably got something to do with the engineering and mix by a certain genius called Mr. Tchad Blake, but they are the evidence of very well sounding Lo-Fi music.

So well meant Lo-Fi music is made Lo-Fi for a reason. Badly produced music is a desperate attempt to let (great?) music sound good. Failing to do so is merely caused by the producer/engineer lacking the necessary knowledge and experience in music production. This causes unwanted Lo-Fi sounding music, terminology that could very well serve as a title for a new column about mastering music.

The moral of this story is as follows: producing good music in a good manner (Lo-Fi, Hi-Fi, Mid-Fi, Shit-Fi), is not easy. Recording, mixing, producing: these are all skills that require experience and craftsmanship.

For mastering the same rules apply: craftsmanship and experience are turning a mastering engineer into a complete person. It makes mastering the most beautiful profession in the world. The longer you do it, the more beautiful and more intense it gets. And most of all the better the music gets!

With this column I actually wanted to make a statement for promotion of a good music quality experience. It turned out a bit different, making it already clear what I’ll be writing about in next month’s column.

Okay, let’s have a listen to a great sounding record, preferably on vinyl with a bit of that analogue crackling sound!

Renzo



7. Ongewild lo-fi klinkende muziek.

Na de loudness trilogie is de tijd gekomen om iets te vertellen over geluid, en dan met name de kwaliteit ervan. En dan meer specifiek de kwaliteit van het geluid van muziek.

Kwaliteit kent twee dimensies: de kwaliteit van de muziek zelf (of van de artiest) en de kwaliteit van het geluid van de muziek. Over het laatste gaat deze column.

Kwaliteit is een subjectief iets. Jantje vindt de ep van artiest X fantastisch: lo-fi, gruizig, nauwelijks stereo en vooral bloedvergietend hard (of hoe je dat ook noemt). Pietje wordt daar juist verdrietig van en gaat helemaal stuk op de laatste plaat van James Taylor: verfijnde hi-fi in zijn meest elementaire vorm.

Hiermee is eigenlijk al een heleboel gezegd. Muziek en geluid, het is een smaakkwestie. Maar, echter, bezint eer ge alras conclusies trekt! Er is een dunne lijn tussen welgemeende en intense lo-fi tracks en slecht geproduceerde bagger.
Lo-fi kan namelijk echt heel goed en vet klinken. De platen van The Black Keys zijn stuk voor stuk het tegenovergestelde van verfijnde hi-fi maar klinken onwijs intens en diep. Dat zal ongetwijfeld mede te maken hebben met de fabelachtige mixtechnieken van ene meneer Tchad Blake (Tcheck ‘m uit!).

Kortom: welgemeende lo-fi muziek is lo-fi met een reden. Slecht geproduceerde bagger is een desperate poging om wellicht goede muziek goed te laten klinken. Dat de producer/engineer hier jammerlijk in faalt komt eerder door technische onkunde (lees: gebrek aan ervaring) dan dat het een bewuste keuze is.
Het gevolg is ongewild lo-fi klinkende muziek, een term die zomaar eens een titel van een column zou kunnen zijn.

Moraal van dit verhaal: het produceren van goede muziek op een goede manier (lo-fi, hi-fi, mid-fi, shit-fi), het is zo makkelijk nog niet. Opnemen, mixen, produceren: allemaal disciplines die vakmanschap, meesterschap en ervaring vereisen.

Voor mastering geldt eigenlijk hetzelfde: vakmanschap is meesterschap en dat maakt een vakkundig engineer een compleet mens. Het maakt mastering zo’n mooi vak; hoe langer je ermee bezig bent, hoe mooier, intenser en vooral beter wordt het eindresultaat.

Eigenlijk wilde ik met deze column een statement maken voor het propageren van goede geluidskwaliteit en de beleving daarvan. Het is iets anders geworden en dat zorgt er voor dat ik nu al weet waar ik volgende maand over ga schrijven.

En dan ga ik nu luisteren naar een goede plaat, het liefst op vinyl met zo’n analoog kraakje erbij.

Renzo



Previous
Next

© 1973 Masterenzo Mastering | Rotterdam