44. The mix and the stereo bus.

It sounds like an episode of Willy and Wanda but “The mix and the stereo bus” is about processing that takes place on the stereo bus of your mix project, be it digital with plug-ins or analogue with outboard gear.

I’m not a mix engineer but having heard stories from people that are, quite a few things are happening on that final station towards mastering. In fact, stereo bus processing can be seen as some type of premastering. A chain of equalising and compression (or other fancy tools) to glue the mix. The famous SSL-type compressor is a good example of such processing.

The goal of both mix and mastering engineer is mutual: it has to sound great. The road towards perfection is different though. A mix engineer brings all the instruments and sounds together using the channels and busses of the mix with effects like compression, equalising, reverb, panning etc. A mastering engineer only works in stereo to translate the vision of the arEst into a wonderful sounding end result.

Something I noticed during the last couple of years is that more processing seems to be taking place on the stereo bus. I use the word seems on purpose, as I’m not a mixing engineer. I only listen to the mixes that come in the studio. More processing tends to lead to more dense mixes. Mixes with more compression, less dynamics and in many cases less transients*. This doesn’t necessarily have to be a bad thing. As long as it sounds good, we’re okay.

However, there is some danger when (too much) processing is applied on the stereo bus. An effect like compression is irreversible. As soon as a mix becomes too dense, the mastering engineer can try to tackle this by using equalising or some kind of upward expension. However, eliminating compression effects and restoring the original dynamics is virtually impossible.

The music industry is a market of supply and demand. Listeners ask for great sounding music and the artists do exactly that: they indulge us with beautiful music. During the past few decades music has slowly become less dynamic. On the other hand, the listeners have gotten used to listening to dense sounding music: compact songs with a lot of energy and impact and often mastered at higher volume levels.

Have a listen (at equal volume) to a song by Billie Eilish and compare that to a song from the sixties, Jimi Hendrix for example. Pay attention to the openness, the energy and impact, the softer sounding passages versus the loud parts. You’ll be amazed by the differences. Both songs have their own particular qualities but the difference in dynamic range is remarkable.

Let’s be honest: if Jimi Hendrix was still alive he would undoubtedly be making pretty modern sounding music. Recording techniques are a continuously evolving thing, not to mention mr. Hendrix himself.

Back to the stereo bus. The only thing I’d like to give to mix engineers is to be careful about your dynamics and transients. By using slower attack Times on your compressor you’ll notice that those snare hits seem to be getting more punch and impact and that the overall energy of your track is actually getting higher. Who wouldn’t want that?

Just my two cents, use it to your advantage.

Renzo

*Transients: short pulses of energy. You can compare it with the moment when a drummer hits a tom or cymbal. That very first snappy attack translates into more vividly sounding music with more energy. Fast attack times on a (digital) compressor/limiter are pretty destructive for transients.



Previous
Next

44. De mix en de eindbus.

Het klinkt als een aflevering van Suske en Wiske maar “De mix en de eindbus” gaat over processing op de eindbus, master bus of stereobus. Vaak in de vorm van een keten van plug-ins, soms ook met analoge outboard om je mix een analoge vibe mee te geven.

Ik ben geen mixer maar wat ik zo om me heen hoor van mensen die dat wel zijn, gebeurt er nogal wat op zo’n laatste bus voordat het station mastering in beeld komt. Eigenlijk is die processing een soort (pre-)mastering. Een keten van equalizing en compressie om de mix te lijmen. De fameuze glue in de vorm van een SSL-stijl compressor is daar een mooi voorbeeld van.

Het doel van de mixer is eigenlijk hetzelfde als dat van een masteraar: het moet zo goed mogelijk klinken. De weg ernaartoe is wel heel anders. Een mixer brengt alle sporen samen, compleet met processing als compressie, reverb, panning etc. De masteraar werkt slechts met twee sporen en vertaalt de boodschap van de artiest naar een fantastisch klinkend eindresultaat.

Wat me in de loop van de jaren steeds meer is gaan opvallen is dat er tegenwoordig meer lijkt te gebeuren op de eindbus. Ik zeg bewust lijkt omdat ik geen mixer ben en puur luister naar datgene wat ik aan mixen binnenkrijg. Meer processing leidt maar al te vaak tot een meer “dense” mix: meer compressie, minder dynamiek en vaak ook minder transients*. Dit hoeft niet per se slecht of fout te zijn. Zolang het goed klinkt is er niets aan de hand.

Er loert wel een gevaar bij (veel) processing op de eindbus. Een effect als compressie is echt onomkeerbaar. Zodra een mix te dense wordt kan de masteringtechnicus dit bijvoorbeeld met equalizing of upward expansion te lijf gaan maar het ongedaan maken van de compressie en het terugbrengen van de originele dynamiek is schier onmogelijk.

De muziekindustrie is een markt van vraag en aanbod. Luisteraars vragen en de artiesten leveren mooie muziek af. In de afgelopen decennia is de muziek die wordt gemaakt langzaamaan steeds minder dynamisch geworden. Het luisterend publiek is op zijn beurt steeds meer gewend geraakt aan het luisteren naar dense muziek: compacte songs met veel energie en impact met vaak ook een veel hoger volume.

Luister maar eens (op gelijk volume) naar een song van bijvoorbeeld Billie Eilish en een song van Jimi Hendrix uit de jaren zestig en let eens goed op de dynamiek. Let op de openheid, de energie en impact, de zachte passages versus de hardere stukken. Je zult versteld staan van de verschillen. Beide songs hebben hun kwaliteiten maar het verschil in met name dynamiek is ongekend groot.

Laten we wel wezen, als Jimi Hendrix nog had geleefd dan zouden zijn songs ongetwijfeld moderner klinken. De techniek staat niet bepaald stil, om over de heer Hendrix maar te zwijgen.

Maar goed, die eindbus dus. Het enige wat ik mixers zou willen meegeven: wees een beetje zuinig op je dynamiek en je transients. Met wat tragere attacktijden van je compressor zul je merken dat die snares in je mix net wat meer punch en impact lijken te krijgen met meer energie als gevolg. Wie wil dat nou niet?

Just my two cents, doe er je voordeel mee!

Renzo

*Transients: korte pulsen van energie. Zie het als het eerste moment waarop een drummer op een trommel slaat. De snappy attack die daaruit voortkomt vertaalt zich klankmatig in meer energie en levendigheid. Snelle attacktijden van een compressor/limiter zijn funest voor transients.



Vorige
Volgende

© 1973 Masterenzo Mastering | Rotterdam